Er zijn heel veel isolatiematerialen en er komen door ontwikkeling en onderzoek nog steeds nieuwe varianten bij. We noemen de meest gebruikte.

  • Minerale wollen: materiaal dat eruit ziet als wol en dat wordt ‘getrokken’ uit glas of steen. De werking berust op het principe dat lucht tussen de wolvezels niet beweegt en daardoor isoleert. Minerale wol kan worden verspoten (bijvoorbeeld ingespoten in dubbelwandige muren / spouwmuren), maar is ook te koop als plaatmateriaal of rollen.
  • Schuimen: PUR (polyurethaan) en PIR (polyisocyanuraat). Schuim kan ter plekke worden (in)gespoten en kan dan elke denkbare vorm volgen of ruimte vullen. Eenmaal uitgehard voorkomt het luchtcirculatie. PUR en PIR bestaan ook in plaatvorm.
  • Dubbel glas: Enkel glas kan in veel gevallen worden vervangen door dubbel glas. Er zijn verschillende mogelijkheden, zelfs driedubbelglas. De werking van dubbelglas stoelt op het voorkomen van luchtcirculatie.
  • Folies: er bestaan dikkere en dunnere soorten van – bijvoorbeeld – polyester, meestal beplakt met metaalfolie. Folies kunnen ook luchtkamers bevatten. De werking berust op ondoorlatendheid (van vocht bijvoorbeeld) en reflectie/weerkaatsing (van licht of warmte).
  • EPS: geëxpandeerde polystyreenkorrels, los gespoten of tot platen geperst (piepschuim). De werking berust op het principe dat lucht in en tussen de korrels niet beweegt en daardoor isoleert.
  • Natuurlijke wollen: geperst tot platen of als ‘dekens’ van houtwol, schapenwol, hennep of vlas.

Elke isolatie-situatie vraagt om een beoordeling van de meest geschikte materiaalsoort. Een isolatievakman kan u daar uiteraard alles over vertellen.

Glaszetten